Haken: vaste en halve vaste

We leerden reeds de absolute basis met een opzetlus en lossen, maar met enkel een ketting van lossen geraak je niet zo ver natuurlijk. Vandaag leren we een vaste en halve vaste haken, twee belangrijke steken voor vele haakprojecten.

Om een vaste te haken, volg je volgende stappen:
1. Als basis gebruiken we een ketting van lossen
2. Elke losse heeft de vorm van een V, als je hierop let, kan je makkelijk je steken tellen. In de voorlaatste losse die je gehaakt hebt, ofwel de tweede losse vanaf de naald steek je je haaknaald.
3. Maak een omslag
4. Haal de draad door het eerste lusje op je naald, nu hou je twee lussen over
5. Maak nog een omslag
6. Haal de draad door beide lussen op de naald. Je hebt nu een vaste gehaakt.

Op de voorlaatste foto zie je hoe een rij vasten eruitziet. Heb je een toer vasten gehaakt en wil je aan je volgende toer beginnen, dan haak je eerst één keerlosse, daarna draai je je werk om en kan je aan de volgende toer vasten beginnen.

Een halve vaste is simpeler dan een vaste en doe je zo:
1. In de eerste steek vanaf je naald steek je je haaknaald
2. Maak een omslag en haal de draad door beide lussen. Je halve vaste is gehaakt.
Een halve vaste heeft geen keerlosse.

Om te oefenen zet je 21 lossen op, de laatste losse die je gehaakt hebt, is je keerlosse. In de tweede steek vanaf de naald haak je de eerste vaste, daarna haak je in elke losse een vaste. In totaal heb je dus 20 vasten. Zo kan je een aantal rijen vasten en halve vasten haken als oefening.

Heb je vragen of is iets niet volledig duidelijk? Laat het dan gerust
weten in een comment, of stuur een mailtje naar
contact@flowersandfeathers.be

Continue Reading

Haken: opzetlus en losse

Vorige week kondigde ik al aan dat we gaan leren haken, tijd dus om aan de slag te gaan! We beginnen met de opzetlus en losse te haken. Het is vrij eenvoudig, maar ook heel belangrijk dat je dit onder de knie krijgt aangezien je een opzetlus en lossen voor zo wat elk haakwerkje nodig hebt.

Om te beginnen heb je een opzetlus of schuifknoop nodig, dit gaat als volgt:
1. Neem je garen tussen je duim en wijsvinger
2. Maak een lusje met het garen rond je wijsvinger en middelvinger
3. Als je je hand een beetje draait, zie je een mooie lus naast je vingers
4. De lange draad trek je van achter naar voor door het lusje
5. Je hebt nu een losse knoop
6. Als je je haaknaald door de lus steekt, dan kan je aan de lange draad trekken om de lus rond de naald kleiner te maken.

Pas wel op dat je de draad niet té strak aantrekt, anders kan het haken van je eerste steek vrij moeilijk zijn. De lus moet mooi rond je haak passen, zodat je de lus nog vlot kan verschuiven. Als alles goed gaat, zou je iets moeten hebben zoals op de foto hierboven.

Zo wat elk haakwerkje begint met een losse of een ketting van lossen.
1. In je rechterhand hou je de haaknaald, in je linkerhand zit de lange draad die naar je bol garen gaat. Er zijn verschillende manieren om je haaknaald vast te houden, maar ik hou ze op de klassieke manier vast, dus ik neem de haaknaald vast zoals je een pen zou vasthouden. Als je rechtshandig bent, dan zit de haaknaald altijd rechts en het garen zit altijd links.
2. Leg de lange draad één keer over je haaknaald (dit heet een omslag maken). De lange draad steek je onder het haakje en trek je zo door de opzetlus.
3. Nu heb je één losse gehaakt
4. Als je dit herhaalt, dan krijg je een ketting van lossen.

Om te oefenen kan je best beginnen met een ketting van lossen te haken, waarbij je er ook aan denkt om de draad altijd even strak om de naald te leggen. Dit is belangrijk om een gelijkmatig werkje te krijgen, anders krijg je dichte en open steken, wat niet zo mooi is.

Heb je vragen of is iets niet volledig duidelijk? Laat het dan gerust weten in een comment, of stuur een mailtje naar contact@flowersandfeathers.be

Continue Reading

Haken: benodigdheden

Ik hoor vaak de opmerking dat haken zo moeilijk lijkt, maar niets is minder waar. Iedereen kan leren haken. De komende weken gaan we stap voor stap de basis leren van haken, zodat je op je eigen tempo kan beginnen aan een makkelijk eerste projectje.

Om te beginnen met haken heb je een aantal materialen nodig. Je vindt alles makkelijk bij Veritas, een wolwinkel in de buurt, en zelfs bij de Hema of Zeeman kan je voor een lage prijs alles vinden om mee te starten.

Wat heb je nodig:
– Haaknaalden
– Garen
– Schaar
– Lintmeter
– Naald met een groot oog

Haaknaalden bestaan in verschillende maten en materialen. Zelf gebruik ik de klassieke haaknaalden gemaakt uit kunststof of metaal, maar er zijn ook versies gemaakt uit hout, in felle kleuren en je vindt er ook met een ergonomische handgreep.

Het belangrijkste waar je op moet letten is de maat van je haaknaald. Dit wordt aangegeven met een cijfertje (millimeter) op de naald zelf. De maten verspringen per 0,25mm bij heel dunne haaknaalden of per 0,50mm bij de iets grotere naalden. De maat van je haaknaald moet vanzelfsprekend overeenkomen met de dikte van je garen.

Uiteraard heb je ook garen nodig om te haken. Er bestaan enorm veel soorten garen in verschillende kleuren, diktes en materialen. Er is onder andere katoen, wol, acryl en combinaties van materialen. Op het label vind je alle nodige informatie, zoals het materiaal en de bijpassende wasinstructies. Bovendien vind je op het label ook de maat van de haaknaald die je nodig hebt en hoeveel meter of gram een bolletje bevat, dit laatste is vooral handig als je een patroon volgt en wenst te weten hoeveel bollen je in huis moet halen. Het kleurbad wordt meestal ook vermeld, als je meerdere bolletjes garen nodig hebt voor een project, dan neem je best garen van hetzelfde kleurbad om kleurverschillen te vermijden.

Om mee te beginnen zou ik kiezen voor acrylgaren, of garen dat gedeeltelijk bestaat uit acryl. Je kiest best ook een vrij dik garen uit, voor naald 4 of 5. Dit is garen dat makkelijk werkt, bovendien is acrylgaren vrij goedkoop. Qua kleur kies je uiteraard iets wat je zelf leuk vindt, maar om mee te starten raad ik aan dat je een lichte kleur neemt. Bij donker garen is het een stuk moeilijker om je steken te zien. Acrylgaren kan je trouwens zeer goedkoop kopen bij de Zeeman of Hema.
Ga dus snel naar de winkel om een haaknaald en een bolletje garen. Volgende week beginnen we met de eerste steken!

Continue Reading

DIY: kerststerren haken

Deze kerststerren zijn heel leuk om in de kerstboom te hangen of om pakjes mee te versieren. Bovendien maak je al snel een heel setje sterretjes. Het patroon is vrij simpel, maar bevat wel de ananassteek of puff stitch. De ananassteek leerde ik kennen in een patroon voor onderzetters dat mijn mama vorig jaar aan me gaf. Ik moest er even op oefenen, maar eens je de steek kent, is ze vrij eenvoudig.

Je hebt nodig:
– restjes katoen of wol (ik gebruikte Catania)
– bijpassende haaknaald (in mijn geval nr 3,5)
– lintjes
– schaar

Ananassteek:
*1 omslag, steek je naald in de steek, 1 omslag en haal de draad door de steek*. Herhaal van * tot * nog 2 keer in dezelfde steek. Op die manier heb je nu 7 lussen op je naald. Maak nog 1 omslag en haal de draad in één keer door alle lussen.

 1e toer: Haak 2 lossen. Vanaf nu werken we in de 2e losse van de naald (dus de eerste losse die je gehaakt hebt). *Haak in de losse een ananassteek, gevolgd door 2 lossen*. Herhaal van * tot * 4 keer, zo krijg je een totaal van 5 ananassteken. Sluit de ring met een halve vaste in de eerste ananassteek.

2e toer: Haak 2 lossen, in dezelfde ananassteek haak je (2 stokjes, 1 losse, 3 stokjes). In de volgende 4 ananassteken haak je telkens (3 stokjes, 1 losse, 3 stokjes). Sluit de toer met een halve vaste in het eerste stokje.

3e toer: *Haak 1 losse. Door de losse tussen de stokjes van je vorige toer heb je een ruimte, in die ruimte haak je (1 half stokje, 2 stokjes, 2 lossen, 2 stokjes, 1 half stokje). Haak 1 losse. In het 3e stokje van de vorige toer haak je een halve vaste*. Herhaal van * tot * nog 4 keer. De laatste halve vaste sluit je toer.
Hecht de draadjes af en bevestig een lintje aan de ster.

Indien je een vraag hebt ivm dit patroon, laat het dan gerust weten en ik probeer je verder te helpen!

Continue Reading

DIY: armbandje haken

Deze armbandjes zijn perfect als vrolijk accessoire. Bovendien kan je op één avond een hele reeks armbandjes haken om zelf te dragen of om uit te delen. Armbandjes haken is ook een leuke manier om restjes katoen te verwerken.

Je hebt nodig:
– restjes katoen haakgaren (vb: Catania)
– haaknaald nr. 3,5
– knoopje en bijpassend naaigaren

1. Maak een ketting van ongeveer 35 lossen. De exacte hoeveelheid lossen is afhankelijk van hoe groot de omtrek van je pols is, zorg er voor dat de ketting van lossen vlot om je pols past.

2. Haak op elke losse een vaste. Op de laatste losse haak je 3 vasten om het hoekje om te steken. Daarna ga je langs de andere kant van de lossen ook vasten haken.

3. Nu maken we het knoopsgat. Na je laatste vaste haak je 5 lossen. Je knoopsgat sluiten doe je met een halve vaste in de 1e vaste.

4. Hecht je tweede kleur aan. Op elke vaste van de vorige toer haak je opnieuw een vaste.

5. In het knoopsgat haak je nog 5 vasten (dus niet op de lossen, maar in de cirkel zelf). Sluit de toer met een halve vaste. Hecht alle draadjes af, knoopje aannaaien en klaar!

Als er iets niet helemaal duidelijk is, mag je dit altijd laten weten en dan help ik je graag verder!

Continue Reading